Godsdienst voor kleuters – leerplandoelen katholiek onderwijs

Hieronder de leerplandoelen Rooms-Katholieke Godsdienst voor kleuters. De ZILL leerplandoelen voor Godsdienst zijn opgedeeld in 4 cyclussen, waarvan de eerste de kleuters is van 2,5 tot 6 jaar.

De algemene leerplandoelen voor kleuters tot 5 jaar kan je hier vinden.
De algemene leerplandoelen voor kleuters tot 6 jaar kan je hier vinden.

Lees deze blogpost voor alle wetgevingen en regels rond huisonderwijs.
In deze blogpost neem ik je bij de hand en vullen we samen de verklaring van huisonderwijs in bij inschrijven van jouw kind voor huisonderwijs.
Wat zijn leerplandoelen, ontwikkeldoelen, onderwijsdoelen?
In deze blogpost zet ik het even allemaal op een rijtje voor jou.

Hoe ga je aan de slag met deze leerplandoelen? Op deze pagina geef ik je de
handleiding voor deze ultieme gids.

Deze leerplandoelen zijn NIET door mij ontwikkeld. Ze zijn overgenomen van de ZILL leerplandoelen voor katholiek basisonderwijs, ik heb ze enkel geordend op leeftijd ipv op ontwikkeldoelen om het duidelijker te maken voor jou. Dit betekent dus dat deze leerplandoelen goedgekeurd zijn door de overheid.

ROOMS-KATHOLIEKE GODSDIENST KLEUTERS
Vertrouwd worden met levensbeschouwelijke verscheidenheid

-In dagelijkse dingen ontdekken dat vanuit een levensbeschouwelijke diversiteit verschillende gewoontes binnenkomen in de klas
-In verscheidenheid samen vieren
-De verscheidenheid in religieuze gebruiken en gebedshoudingen in de klas opmerken en bespreken
-In levensbeschouwelijke verscheidenheid ervaren dat we verbonden zijn met elkaar
-Belangstelling en respect tonen voor geloofsuitingen van anderen
-Geprikkeld worden door het vreemde en onbekende
-Openstaan voor levensbeschouwelijke symbolen
-Wennen aan diversiteit binnen de eigen kleuterklas/-school (taal-gezin- levensbeschouwing-sociale achtergrond-gezondheidstoestand)
-Beleven hoe ze, ongeacht de levensbeschouwing, verbonden zijn met elkaar
-Ontdekken dat mensen samen een levensbeschouwelijke gemeenschap vormen (christenen, moslims, joden, vrijzinnigen,…)

Vertrouwen en wantrouwen, mogelijkheden en beperkingen.
Basisvertrouwen ervaren en ontwikkelen

-Ervaren en beleven van basisvertrouwen: veiligheid, geborgenheid, aanvaarding …
-Ontdekken hoe geloofsverhalen, geloofsbeelden, godsbeelden, Jezusbeelden basisvertrouwen versterken
-In klasrituelen, feesten, vieringsmomenten basisvertrouwen beleven en uitdrukken
-Eigen mogelijkheden ontdekken en stilstaan bij ‘wat ik al kan’
-Vreugde en bevestiging krijgen voor wat ‘ik kan, doe, probeer, …’
-Zich in zijn kwetsbaarheid durven tonen
-Grenzen en beperkingen geleidelijk aan leren aanvaarden, bewust worden dat je niet alles kan
-Durven hopen en geloven dat iets wat je nu niet kan ooit wel zal kunnen of durven
-Zich bemind weten ondanks de eigen grenzen
-Een positief zelfbeeld opbouwen ook al kan je nog niet alles of gaat er iets fout
-In gesprek gaan over levensvragen rond ziekte, dood, leven en op zoek gaan naar hoop, troost, …
-Aanvoelen dat al is een leven soms gebroken, geschonden, anders, schijnbaar mislukt dan nog kan het waardevol zijn
-In Bijbelverhalen, Bijbelpersonages ontdekken dat God mensen nieuwe kansen geeft als het fout loopt in hun leven
-In Bijbel- en geloofsverhalen ontdekken dat God van mensen houdt zoals ze zijn, met hun mogelijkheden en beperkingen
-Hoopvolle en krachtige beelden ontdekken in Bijbelverhalen (opstaan, groeien, nieuw beginnen, omkeren of bekeren …)
-Antwoorden op diepere vragen rond leven en dood ontdekken in Bijbel- en geloofsverhalen
-Zich bemind weten ondanks de eigen grenzen
-Ervaren dat je bemind wordt nog voor je iets getoond of gepresteerd hebt
-Erop vertrouwen dat je door anderen, de Andere gedragen wordt en kan opstaan (verrijzenisgeloof)
-Ervaren dat je een nieuwe kans krijgt nadat het fout liep
-Uitgenodigd worden om anderen een nieuwe kans te geven
-Ontdekken dat over alle verschillen heen alle mensen gelijk en evenwaardig zijn, als kinderen van eenzelfde Vader, als broers en zussen
-Zich identificeren met inspirerende figuren vroeger en nu die kiezen voor kwetsbare mensen
-Ontdekken dat in moeilijke momenten God nabij komt
-Jezus leren kennen die kwetsbare mensen (zieken en zondaars) opzoekt en hen nieuwe kansen geeft
-Jezus leren kennen die mensen laat ‘opstaan’ uit wat hen klein maakt of onderdrukt
-Ontdekken dat Jezus beelden gebruikt om over God te spreken zoals ‘barmhartige Vader’ en ‘Heer die vergeeft’
-Aanvoelen dat Jezus en andere geloofsfiguren mensen kracht geven om na tegenslag op te staan
-Ontdekken dat Jezus beelden aanreikt om te geloven in de groeikracht van het kleine (gelijkenis mosterdzaad, parabel van de zaaier …)
-Stil staan bij de eigen mogelijkheden en/of beperkingen, tot innerlijke rust komen, rustig deelnemen aan momenten van bezinning en gebed
-Vertrouwd worden met symbolen en symboolhandelingen en aanvoelen dat ze iets uitspreken van dankbaarheid voor het eigen kunnen of van vertrouwen ondanks grenzen
-Vertrouwd worden met rituelen en symbolen die de vreugde om het leven vieren en de kwetsbaarheid van het leven mee een plaats geven
-Meedoen met religieuze rituelen (gebaren, gebeden …) die vreugde, troost, veerkracht … uitdrukken
-Succeservaringen of ontgoochelingen aan God vertellen en ontdekken dat dit deugd kan doen.

Verbondenheid met zichzelf, anderen, gemeenschappen, natuur en cultuur.
-Experimenteren met verschillende manieren om tot verstilling en rust te komen
-Een gevoel voor stilte ontwikkelen
-Ervaren dat stilte ook innerlijke rust, verbondenheid en ontspanning kan brengen
-Via sfeerschepping genieten van stilte waarbij de zintuigen worden geprikkeld
-Stilstaan bij de eigen innerlijke beleving van wat rondom ons gebeurt of door situaties die gebeuren
-In gesprek gaan over levensvragen rond wie ik ben, wat ik voel …
-Zich verwonderen over de verscheidenheid aan gevoelens in een mens
-Filosoferen rond gevoelens
-Eigen gevoelens en behoeften verkennen en stilstaan bij wat het met je doet
-Het unieke van zichzelf leren ontdekken
-Symbolen, beelden, elementen uit (Bijbel)verhalen aangereikt krijgen die kansen bieden om bewuster met zichzelf om te gaan
-Ontdekken hoe mensen in de stilte ‘iets diepers’ op het spoor komen
-Ontdekken hoe gelovigen bidden in verschillende godsdiensten
-Zien hoe volwassenen formulegebeden als Onzevader en Weesgegroet bidden
-Ervaren hoe God, Jezus, inspirerende gelovige figuren, Bijbelse verhalen en beelden bron kunnen zijn van verstilling, meditatie of gebed
-Ervaren dat je als een uniek persoon en kind van God wordt benaderd
-Ontdekken dat christenen in hun gebed God als Vader aanspreken
-Geleidelijk ontdekken dat voor gelovigen verwondering, verontwaardiging … iets te maken hebben met God
-Ontdekken hoe Jezus, geloofsfiguren en mensen vandaag de stilte opzoeken om tot zichzelf en tot gebed te komen
-Stilteplekken in het leven van Jezus verkennen, zoals de woestijn, de boot, de berg …
-Verkennen van de gevoelens van Jezus
-Jezus leren kennen als iemand met aandacht voor de binnenkant van elke mens
-Jezus leren kennen die bidt en anderen leert bidden
-Stil worden, tot innerlijke rust komen, rustig deelnemen aan momenten van bezinning en gebed
-Stapsgewijs groeien in een bezinnende, vierende en/of biddende houding
-Ontdekken dat je met je lichaam kan bidden, verschillende gebedshoudingen verkennen
-Het eigen religieus aanvoelen kunnen uitdrukken met eenvoudige symbolische handelingen en voorwerpen
-Zingend uitdrukken wat in je leeft
-Via rituelen contact maken met je binnenkant
-Vertrouwd worden met rituelen en symbolen die de mogelijkheid bieden om thuis te komen bij jezelf en/of God
-Ervaren dat men in rituelen en gebed kansen krijgt om iets van zichzelf (gevoelens, behoeften, vragen …) toe te vertrouwen aan God
-Iets aan God vertellen en dit ervaren als deugddoend, als een ervaring waarin vertrouwen in God kan groeien: persoonlijk bidden
-Verscheidenheid ontdekken in vormen van bezinning en gebed
-Groeien naar interesse voor elkaar
-Verbondenheid ervaren door te spelen, te delen, te zorgen voor, te tafelen, te luisteren …
-Het anders-zijn van anderen ervaren, ontdekken en verdiepen
-Vriendschap beleven en het ‘wonder’ daarin aanvoelen
-Verbondenheid ervaren in de relatie met vertrouwde volwassenen
-Uitdrukken van het deugddoende van ontmoetingen
-Ontdekken dat je in de verbondenheid met anderen iets diepers op het spoor kan komen
-Symbolen, beelden, elementen uit (Bijbel)verhalen aangereikt krijgen die kansen bieden om je met de ander te verbinden
-Vertrouwd worden met Bijbelverhalen, Bijbelpersonages die iets oplichten van de verbondenheid met de ander en ontdekken dat ze verbonden zijn met God
-Het waardevolle ontdekken in de omgang van geloofsfiguren met andere mensen
-Zich identificeren met inspirerende figuren die hun verbondenheid met anderen uitdrukken (Pater Damiaan, Moeder Teresa …)
-Vertrouwd worden met religieuze verscheidenheid: ervaren dat we op onze eigen manier ons geloof beleven en uitdrukken en dat we daarin toch verbonden zijn met de ander
-Een religieuze verbondenheid met de Ander ervaren
-Ontdekken dat waar mensen elkaar liefhebben God nabij komt
-Zien hoe Jezus en geloofsfiguren in hun omgang met anderen Gods liefde zichtbaar maken
-Jezus’ omgang met anderen leren kennen en waarderen
-Jezus leren kennen als een man die betrokken is op de gevoelens en noden van anderen
-Het unieke van Jezus leren kennen die mensen opzoekt, de kleinen eerst
-Ontdekken dat mensen veranderen als ze Jezus ontmoeten
-De vrienden van Jezus leren kennen
-Ontdekken dat Jezus beelden gebruikt om over God te spreken als een God die bij en in de ander is
-Ervaren hoe vertrouwde volwassenen (ouders, leraar …) Jezus’ omgang met anderen voorleven
-Samen rituelen beleven
-In een ritueel vriendschap benoemen, uitdrukken en beleven
-Ervaren dat verbondenheid met anderen groeit en versterkt wordt in en door rituelen, feesten en vieringen
-Verbondenheid uitdrukken in symbolen, in gebed en meditatie
-Participeren aan religieuze uitdrukkingsvormen (gebaren, gebeden …) die de verbondenheid met anderen uitdrukken en oproepen
-God op het spoor komen in rituelen van verbondenheid
-Vertrouwd worden met religieuze verscheidenheid en ervaren dat we daarin verbonden zijn met de ander
-Ervaren en beleven dat je met een groep verbonden kan zijn (een deel van een gezin, familie, grootouders, klas, school, sportclub)
-Geleidelijk aan thuiskomen in een groep
-Elkaar leren respecteren in een groep
-Ervaren dat een groep dragend en ondersteunend kan zijn
-Ervaren dat er in en tussen groepen levensbeschouwelijke verschillen zijn
-Vanuit een groep levensvragen op het spoor komen
-Ontdekken dat mensen in verbondenheid met een gemeenschap God kunnen ervaren
-Ervaren dat tot een gemeenschap behoren mij tot ‘iemand’ maakt
-In Bijbel- en geloofsverhalen ontdekken dat groepen mensen zich verbonden weten met God
-Aanvoelen dat een gemeenschap sterker kan worden door Bijbelverhalen samen te beleven
-Ontdekken dat een gemeenschap groeit rond inspirerende figuren
-Ervaren dat elke geloofsgemeenschap zijn geloof op een eigen manier beleeft en uitdrukt (religieuze feesten)
-Ontdekken dat christenen rond Jezus samen komen (als geloofsgemeenschap)
-Ontdekken dat God zich met (groepen) mensen steeds verbindt
-Jezus leren kennen die een gemeenschap rond zich opbouwt (roeping)
-Ontdekken dat Jezus tot een familie behoort
-Ontdekken dat rond Jezus een gemeenschap groeit
-Klasverbondenheid in rituelen beleven
-Ervaren dat verbondenheid in groep groeit en versterkt wordt in en door rituelen, feesten en vieringen
-Ervaren dat eenvoudige symbolen de verbondenheid van de groep uitdrukken
-Vertrouwd worden met christelijke gebruiken, rituelen en symbolen die christenen wereldwijd verbinden (kruisteken, zegenen, paaskaars, Onzevader, Weesgegroet …)
-Verbondenheid uitdrukken in stilte, gebed en meditatie
-In levensbeschouwelijke verscheidenheid ervaren dat we verbonden zijn met elkaar
-Leven als geschenk ervaren
-De schepping met alle zintuigen beleven
-Ervaren dat je je verbonden kan voelen met de natuur
-In verwondering en bewondering staan voor al het mooie om ons heen
-Het mysterievolle aanvoelen en beseffen dat je dit niet altijd kunt uitleggen
-Ervaren dat leven kwetsbaar is
-Uitgenodigd worden om zorg te dragen voor natuur
-Genieten van schoonheid in kunst, techniek, wetenschap … en in bewondering staan voor wat mensen kunnen
-Ontdekken dat in een gemeenschap een eigen ‘cultuur’ leeft (gebruiken en gewoontes, feesten, kledij …)
-Leren omgaan met culturele verschillen
-Cultuurgebonden elementen in kerkelijke feesten ontdekken (chrysanten op een graf, kerstboom, paaseieren, palmtakken, paasboom …)
-Gebedshoudingen uit verschillende godsdiensten verkennen
-Elementen uit de scheppingsverhalen verkennen
-Bijbel als boek leren kennen, als heilig boek van de christenen
-Koran leren kennen, als heilig boek van moslims
-Ontdekken dat in de Bijbel natuurelementen worden gebruikt om iets van God te verbeelden (licht, rots, arend, bron, water, vuur, zachte bries, brandende braamstruik …)
-Inspirerende figuren leren kennen die zich verbonden voelen met natuur. (Franciscus, Ecokerk …)
-Religieuze kunst ontdekken en op zoek gaan naar betekenis
-De oerelementen (aarde, vuur, lucht, water) verkennen in verschillende culturen, levensbeschouwingen
-Bij schoonheidservaringen stil worden, tot innerlijke rust komen, tot dankbaarheid komen
-Vanuit scheppingsgeloof geroepen worden om zorg te dragen voor de natuur
-Ontdekken van de eigen verbeeldende scheppingskracht
-Elementen van christelijke cultuur verkennen (religieuze feesten)
-Ontdekken dat voor gelovigen ‘leven’ een geschenk is
-Tot bewondering komen voor het scheppingswerk van God en mens
-In ervaringen van schoonheid in de natuur God op het spoor komen
-In bewondering voor wat mensen kunnen God op het spoor komen
-Ontdekken dat Jezus in verbondenheid met natuur beelden gebruikt om over God te spreken (zaaier, mosterdzaad, herder …)
-De cultuur van Jezus’ tijd leren kennen
-In eenvoudige rituelen dankbaarheid om ‘Leven’ uitdrukken
-God als schepper danken voor al het mooie
-Mediteren met elementen uit de natuur, cultuur
-Symboolkracht van elementen uit de natuur verkennen en gebruiken in een ritueel
-Ervaren dat verbondenheid groeit en versterkt wordt in en door rituelen, feesten en vieringen
-In levensbeschouwelijke verscheidenheid verbondenheid uitdrukken
-Stil worden, tot innerlijke rust komen

Gevoeligheid voor goed en kwaad.
-Ontdekken dat ervaringen van goed en kwaad je beroeren
-Ervaren dat volwassenen grenzen aangeven en ontdekken dat er regels zijn
-Interesse tonen voor wat mag en niet mag
-Zich inleven in en zich identificeren met concrete mensen, rollen en zo ontdekken wat ‘goed’ is
-Waardevol gedrag van volwassenen en andere kleuters overnemen
-Geleidelijk aan leren om zich empathisch in te leven in anderen
-Verbanden leren zien tussen eigen gedrag en de gevolgen ervan
-Ontdekken wat goed en kwaad betekenen door zich in te leven in verhalen en/of door erover te communiceren met anderen
-Ervaren dat je anderen blij kan maken door iets goed te doen
-Mogen ervaren dat je positief bevestigd wordt als je iets goed doet, zegt …
-Ontdekken dat ‘het goede’ niet voor iedereen hetzelfde is
-In concrete mensen ervaren dat ze graag gezien zijn en altijd opnieuw kunnen beginnen
-Ervaren dat je een nieuwe kans kan krijgen of geven nadat het fout liep
-Uit verschillende manieren kunnen kiezen om het terug goed te maken met iemand
-Ervaren dat je zelf kan vergeven of vergeven kan worden
-In geloofsverhalen ervaren dat mensen goede, zinvolle dingen doen en zich uitgenodigd weten om zelf ook het goede te doen
-In het werken met (geloofs-)verhalen kansen krijgen te groeien in moreel voelen, denken en handelen
-In Bijbel- en geloofsverhalen God op het spoor komen die te ontdekken is in mensen die goed doen voor anderen. Waar mogelijk de eigen ervaringen daarmee verbinden
-In Bijbel– en geloofsverhalen God op het spoor komen die te ontdekken is in mensen die onrecht aanklagen en het voor mensen opnemen. Waar mogelijk de eigen ervaringen daarmee verbinden
-Levensvragen over goed en kwaad en mogelijke antwoorden herkennen in Bijbelverhalen en hierover communiceren
-Zich stapsgewijs inleven in meerdere personages in een Bijbelverhaal en zich oriënteren op wat ‘goed’ is
-Ervaren dat we vanuit een levensbeschouwing goed proberen te doen
-Ontdekken dat voor christenen vergeving en verzoening mogelijk zijn als het fout loopt
-Meemaken hoe een vertrouwde volwassene Jezus’ inspiratie om het goede te doen voorleeft
-In concrete situaties mogen ontdekken hoe christenen willen bouwen aan Gods droom
-God mogen ontdekken daar waar het goede gebeurt
-God op het spoor komen in de manier waarop Jezus met mensen omgaat
-Ontdekken dat Jezus in verhalen beelden aanreikt van een ‘goede’ Vader
-Ontdekken dat Jezus in verhalen ons aanmoedigt om goed te doen voor anderen (Barmhartige Samaritaan …)
-Jezus, geloofsfiguren en gelovigen vandaag ontdekken als een inspirerend model om het goede te doen
-Jezus leren kennen die goed doet voor anderen (die mensen opzoekt en samenbrengt, die gelooft in mensen, die mensen nieuwe kansen geeft en vergeeft, die deelt met anderen, die troost …)
-Jezus leren kennen die zich kwaad maakt als onrecht gebeurt
-Ervaren dat de gevoeligheid voor het goede in een (klas)groep groeit en versterkt wordt in en door rituelen, feesten en vieringen
-Deugd beleven aan rituelen die het goede uitdrukken (schouderklopje, aanraking, luisteren naar elkaar, een pluim krijgen, knuffel, duimen omhoog, zalven, een stap op de goede weg, wat verkeerd loopt in zand stoppen …)
-Meedoen met religieuze rituelen (gebaren, gebeden …) die aanmoedigen om je in te zetten voor anderen, om samen iets goeds te doen, …
-Meedoen met religieuze rituelen (gebaren, gebeden …) die spijt uitdrukken, uitnodigen om het terug goed te maken …
-In een verzoenend ritueel ervaren dat je ‘nieuw’ mag beginnen, dat we elkaar nieuwe kansen geven
-Stil worden, tot innerlijke rust komen, rustig deelnemen aan momenten van bezinning en gebed die stimuleren om na te denken over mijn handelen
-Vertrouwd worden met levensbeschouwelijke verscheidenheid – ervaren dat we kiezen om iets goed te doen vanuit de (verschillende) levensbeschouwing die we thuis beleven

Openkomen voor geloofstaal, symboliek en rituelen.
-Ervaren dat zijzelf en andere kinderen ‘herkend’ worden aan hun eigen symbool van de klas
-Ervaren dat een symbool een ervaring oproept en uitdrukt (vriendschapsbandje, deel van een ketting roept vriendschap en verbondenheid op, een hart roept liefde op, licht roept ‘warme’ mensen op, een kaars voor iemand die gestorven is …)
-Meemaken dat volwassenen aan een voorwerp of handeling een symbolische betekenis geven omdat dit verwijst naar een specifieke persoon of gebeurtenis
-Verkennen welke voorwerpen voor jezelf belangrijk zijn en verwoorden waarom (naar welke gebeurtenis of persoon verwijzen ze)
-Eigen ervaringen met een symbool willen en/of kunnen uitdrukken
-Eerste aanzetten van symboolgevoeligheid ervaren die opstap zijn voor tweede taal (mijn steen in een keitoffe groep, licht zijn, zich als jakhals of giraf voelen …)
-Creatief omgaan met water, brood, licht, aarde, adem …
-In het omgaan met water, brood, licht en donker, aarde … aanvoelen dat iets waardevol is en dat volwassenen daar andere betekenissen in beleven
-Aanvoelen dat voor volwassenen in symbolen iets van het ‘heilige’ wordt ervaren
-Symbolen in Bijbelverhalen verkennen (regenboog, brood, water, doopsel, duif, kruis, vuur, aarde, lucht en wolken …)
-Ontdekken dat christelijke symbolische handelingen een bijbelse oorsprong hebben: bidden, dopen met water, brood breken en delen, zalven met olie, in het zand schrijven, handoplegging, iemand roepen, tafelen …
-Ontdekken dat een aantal christelijke symbolische handelingen naar Jezus verwijzen: kinderen de handen opleggen, samen aan tafel met Jezus, brood delen
-Ontdekken dat religieuze voorwerpen een persoon oproepen uit de bijbel (Mariabeeld, Jezus op het kruis …)
-Vertrouwd worden met religieuze verscheidenheid: ontdekken dat sommige symbolen (voorwerpen, handelingen …) ook wortels hebben in andere levensbeschouwelijke tradities (licht, water, aarde …)
-Ontdekken dat voor volwassenen in een symbool iets van God aanwezig komt
-Aanvoelen dat Jezus ook nu tot ons spreekt doorheen het omgaan met symbolen die naar hem verwijzen
-Beelden verkennen uit de verhalen die Jezus vertelt (de herder, de zaaier, de Barmhartige Vader, mosterdzaad dat groeit, huis gebouwd op zand en rotssteen …)
-In een ritueel rustig en bewust omgaan met een kruis, water, aarde, brood, licht, adem, olie …
-God danken voor water, aarde, brood, licht, adem, regenboog, ster, herders …
-In een ritueel de ervaringen van de kinderen oproepen en beleven in een symbool, symboolhandeling: herders van mensen die voor hen zorgen, brood dat we samen delen, een touw dat ons verbindt, licht zijn voor een ander, elkaar zalven met olie, water dat iets draagt …
-Met een voorwerp een eigen ervaring uitdrukken in een (religieus) ritueel of viering in de klas
-Met een symbool iets van jezelf, je eigen ‘identiteit’ uitdrukken
-Vertrouwd worden met christelijke gebruiken, rituelen en symbolen
-Participeren aan religieuze uitdrukkingsvormen (gebaren, gebeden …)
-Symbolen uit andere levensbeschouwingen ontdekken
-Het eigen religieus aanvoelen kunnen uitdrukken met eenvoudige symbolische handelingen en voorwerpen
-In een vierend moment een religieuze verbondenheid beleven rond een gezamenlijk symbool
-Willen meedoen met (religieuze) rituelen
-Een kerngedachte (of focus) uit een Bijbelverhaal beleven in al zijn ervaringskansen zoals de regenboog, herder, ster, water …
-Genieten van het luisteren naar en spelend omgaan met geloofsverhalen
-Ervaren dat elementen uit religieuze verhalen betekenis hebben voor zichzelf en anderen
-Aanvoelen dat mensen met verhalen uitdrukken wie ze zijn, wie ze willen worden, wat ze dromen, wat ze voelen
-Ervaren dat elke traditie zijn verhalen heeft en er kennis mee maken
-Beleven hoe geloofsverhalen spiegels en stof tot nadenken bieden
-Ontdekken dat mensen levensbeschouwelijke verhalen gebruiken om iets te vertellen over hoe ze zichzelf, de mensen om hen heen, de wereld of God ervaren
-Stapsgewijs (aspecten van) geloofsverhalen ‘ont-dekken’
-Waar mogelijk eigen ervaringen verbinden met geloofservaringen die hen worden aangereikt vanuit de bijbel en geloofstraditie(s)
-De eigen taal van de Bijbel leren kennen als een verzamelboek van geloofsverhalen, ervaringen, beelden, gelijkenissen, levensverhalen …
-Ontdekken waarom mensen de Bijbel, Koran een heilig boek noemen
-Kennismaken met beelden als lieve Vader, goede Herder, God als licht, vrede, liefde, … die aansluiten bij hun eigen ervaringen
-Verhalen over Maria leren kennen
-Inspirerende geloofsfiguren leren kennen
-Een Jezusbeeld stapsgewijs opbouwen vanuit evangelieverhalen
-Ontdekken dat er verhalen zijn over Jezus en verhalen die Jezus heeft verteld
-Ontdekken dat de vrienden van Jezus de verhalen over Jezus hebben opgeschreven
-Ontdekken dat Jezus in verhalen iets over God vertelt
-Aanvoelen dat Jezus ook nu tot ons spreekt doorheen de verhalen van toen
-Een ritueel beleven telkens er een Bijbelverhaal wordt verteld
-Een Bijbelverhaal vierend verdiepen met een lied, een gebed, een doe-activiteit, een symbool of ritueel
-Het Bijbelboek in een rustig ritueel aan elkaar doorgeven
-Vieren dat Jezus mensen samenbrengt rond de Bijbel
-Kansen krijgen om de beeldtaal van verhalen persoonlijk uit te drukken, in muzische momenten, ritueel, inbreng in de godsdiensthoek, verwerking in de hoeken …
-Vertrouwd worden met christelijke gebruiken rond geloofsverhalen: rituelen en symbolen, gebaren, gebeden, kledij, feesten …
-Vanuit een geloofs- of Bijbelverhaal iets aan God vertellen: zingen, danken, denken aan, spijt hebben van, iets wat je mooi vindt …
-Ontdekken dat er verschillende rituelen, vieringsmomenten mogelijk zijn waarbij levensbeschouwelijke verhalen een plaats krijgen
-Ervaren dat elementen uit het dagelijks leven kunnen verwijzen naar kerkelijke feesten
-Vertrouwd worden met kerkelijke feesten
-Ervaren dat overledenen worden herdacht in gesprek en (religieuze) rituelen
-Ontdekken dat christenen een adventskrans maken en er elke week een kaars meer op laten branden
-Ontdekken dat mensen een groene kerstboom binnenplaatsen en hem ver-licht-en
-De symboliek van licht en donker verkennen tijdens de adventsperiode
-Ontdekken dat christenen zich voorbereiden op Kerstmis en Pasen
-De advent- en veertigdagentijd ervaren als een periode van inzet voor anderen
-Ontdekken dat ook andersgelovigen zich op een religieus feest voorbereiden en deze feesten vieren
-De symboliek van nieuw leven verkennen tijdens de paastijd
-Ervaren dat je op een verschillende manier thuis en in de klas een kerkelijk feest kan beleven
-Cultuurgebonden elementen van christelijke feesten mee beleven (kledij, feesten, gebruiken …)
-Verkennen van de Bijbel- en geloofsverhalen die verwijzen naar het liturgisch jaar
-Verhalen van inspirerende figuren rond het liturgisch jaar verkennen
-In de evangelies de geboorteverhalen verkennen
-In het evangelie het verhaal van de opdracht in de tempel verkennen in de periode van Lichtmis
-Geleidelijk aan in de evangelies de verhalen van de Goede Week verkennen
-Ontdekken dat deze verhalen voor gelovigen belangrijk zijn en voor hen God nabij brengt
-In liturgische feesten aanvoelen dat de verhalen over het leven van Jezus betekenis hebben
-In de levensbeschouwelijke verscheidenheid in de klas samen rituelen beleven
-Samen -al vierend- de kerkelijke feesten beleven
-Vertrouwd worden met christelijke gebruiken, rituelen en symbolen
-De voorbereidingstijd op Kerstmis en Pasen in een advents- of vastenritueel beleven
-Een religieuze verbondenheid ervaren tijdens rituelen of vieringen in liturgisch sterke periodes
-Genieten van de sfeer tijdens rituelen of vieringen in liturgisch sterke periodes
-Met de klas deelnemen aan een sober maal, sponsoractie …
-De vreugde van Pasen mee beleven
-Een religieus feest van kinderen in de klas meebeleven en -indien mogelijk- ook religieus vieren
-Vertrouwd worden met religieuze verscheidenheid en ervaren dat we daarin toch verbonden zijn met elkaar


Deze leerplandoelen zijn NIET door mij ontwikkeld. Ze zijn overgenomen van de ZILL leerplandoelen voor katholiek basisonderwijs, ik heb ze enkel geordend op leeftijd ipv op ontwikkeldoelen om het duidelijker te maken voor jou. Dit betekent dus dat deze leerplandoelen goedgekeurd zijn door de overheid.

Geef een reactie

Ontdek meer van Inhuisonderwijs

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder